Dankdienst voor het leven van Nelly Catharina de Jong


* 31 maart 1920                                            
25 januari 2007


Sinds 1946 weduwe van Karel Dubbelman
Sinds 1992 weduwe van Henk van der Steen

Evangelisch Lutherse Kerk te Heusden 31 januari 2007

Organist: H. Biesheuvel
Zang: Edy ten Berge
       Joke van der Steen bij het graf.
Voorgangster: G.A Voerman - van Haselen

Orgelspel

De kaarsen worden aangestoken aan het licht van de Paaskaars, die ons vertelt dat het leven doorgaat, dat Jezus is opgestaan en dat wij mensen daarin mee mogen gaan.

Woorden bij het leven van Nel van der Steen – de Jong:

Lieneke

Mevr. J. v.d.Heuvel namens de Lutherse kerk.


Wij zijn hier aanwezig in de Naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest.
Amen


Onze hulp is in de Naam van de Heer
die hemel en aarde gemaakt heeft.

God heeft ook de mens gemaakt, naast alle dieren en planten, al wat leven heeft. En als mens voldoen we niet altijd aan onze roeping: licht te zijn in deze wereld. We doen ons best, maar ook als we sterk zijn hebben we onze zwakke kanten, en niet alles wat we willen lukt zoals we het bedoeld hebben.
Soms zijn we te dwingend naar elkaar, soms te zwak en te meegevend.
Daarom vragen we God:
Heer, vergeef ons al wat wij verkeerd hebben gedaan,
Heer, vergeef ons al waarin wij tekort geschoten zijn…
En laat ons weer in vrede leven.
Amen

Zo lief had God deze wereld, dat  Hij Zijn enige Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt, en eeuwig leven hebben mag!

We willen zingen van die liefde die een nieuwe start mogelijk maakt, een geliefd Remonstrants lied van Kees Boeke: Ik voel de winden Gods vandaag, vandaag hijs ik het zeil

Laten we de Heer aanroepen om ontferming met de grote nood van deze wereld,   
maar laten wij dan ook Zijn naam prijzen,   
omdat er aan Zijn barmhartigheid geen einde komt!



Gebed.
Lieve God, het verscheiden van Nel overviel ons op een onverwachte moment. Het leven vloeide zo zachtjes uit haar weg, dat ze het zelf haast niet leek te merken.
En voor haar was dat prachtig: we tekenen allemaal voor een dood zonder pijn en angst, voor een weggaan in vrede. U hebt voor haar de zeilen gehesen, en U hebt het roer gedraaid.  
Maar wij zijn hier gekomen met onze ontreddering en onze schrik: we hadden haar nog niet willen missen, we hadden nog zoveel willen zeggen, vragen, goed maken misschien… En nu is alles anders.
Ons verstand weet dat ze bij U in goede handen is, maar ons hart kan haar nog niet loslaten, we zijn verdrietig, en soms ook boos. Dat dit zomaar kan…

U weet dat wel, en we weten dat U het niet erg vindt, als wij U ons verdriet klagen om het gemis…
En wij vragen U: help de kinderen, kleinkinderen en Justin, maar ook ons allen hier dit gemis te dragen en te aanvaarden, omdat er voor Nel geen beter bestaan mogelijk is dan bij U.
Wij bidden U dit door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.

Psalm 103: 1, 5

Zoals een moeder liefdevol haar armen
slaat om haar kind, omringt ons met erbarmen
God onze Vader, want wij zijn van Hem.
Hij die ons zelf uit aarde heeft genomen,
Hij weet, dat wij, uit stof aan 't licht gekomen,
slechts leven op de adem van Zijn stem.

Lezing: psalm 104 NBV 1-5, 10 - 31
1 Prijs de Heer, mijn ziel.     
Heer, mijn God, hoe groot bent U. Met glans en glorie bent U bekleed, 2 in een mantel van licht gehuld.
U spant de hemel uit als een tentdoek 3 en bouwt op de wateren Uw hoge zalen, U maakt van de wolken Uw wagen en beweegt U op de vleugels van de wind,
4 U maakt van de winden Uw boden, van vlammend vuur Uw dienaren. 5 U hebt de aarde op pijlers vastgezet, tot in eeuwigheid wankelt zij niet.
10 U leidt het water van de bronnen door beken, tussen de bergen beweegt het zich voort. 11 Het drenkt alles wat leeft in het veld, de wilde ezels lessen er hun dorst. 12 Daarboven wonen de vogels van de hemel, uit het dichte groen klinkt hun gezang.
13 U bevloeit de bergen vanuit Uw hoge zalen, de aarde wordt verzadigd en vruchtbaar: 14 gras laat U groeien voor het vee en gewassen die de mens moet verbouwen. Zo zal hij brood winnen uit de aarde 15 en wijn die het mensenhart verheugt, geurige olie die het gelaat doet stralen, ja, brood dat het mensenhart versterkt. 16 De bomen van de Heer zuigen zich vol, de ceders van de Libanon, door Hemzelf geplant. 17 De vogels bouwen daar hun nesten, in hun kronen huizen de ooievaars. 18 De hoge bergen zijn voor de steenbokken, in de kloven schuilen de klipdassen.
 19 U hebt de maan gemaakt voor de tijden, de zon weet wanneer zij moet ondergaan. 20 Als U het duister spreidt, valt de nacht, en alles wat leeft in het woud gaat zich roeren. 21 De jonge leeuwen gaan uit op roof, brullend vragen zij God om voedsel. 22 Bij zonsopgang trekken zij zich terug en leggen zich neer in hun legers.
23 De mensen gaan aan het werk en arbeiden door tot de avond.
24 Hoe talrijk zijn Uw werken, Heer. Alles hebt U met wijsheid gemaakt, vol van Uw schepselen is de aarde.

25 Zie hoe wijd de zee zich uitstrekt. Daar wemelt het, zonder tal, van dieren, klein en groot. 26 Daar bewegen de schepen zich voort, daar gaat Leviathan, (het zeemonster), door U gemaakt om ermee te spelen. 27 En allen zien ernaar uit dat U brood geeft, op de juiste tijd.
28 Geeft U het, dan doen zij zich te goed, opent zich Uw hand, dan worden zij verzadigd.
29 Verberg Uw gelaat en zij bezwijken van angst, ontneem hun de adem en het is met hen gedaan, dan keren zij terug tot het stof dat zij waren.
30 Zend Uw adem en zij worden geschapen, zo geeft U de aarde een nieuw gelaat.
 31 De luister van de Heer moge eeuwig duren, laat de Heer zich verheugen in Zijn werken.

Tot hiertoe de lezing.
Laten we zingen over de Heer die zo voor ons zorgt: Mijn herder is de Heer in Wie ik alles heb en ben… (Nederlandse tek
st)

De Heer verkwikt mijn matte ziel, Hij doet mijn voeten gaan
in ’t spoor van Zijn gerechtigheid ter wille van Zijn naam.

En ga ‘k door ’t diepe doodsravijn, geen vrees verbijstert mij:
Uw stok en staf zijn mij tot troost, Gijzelf zijt mij nabij.

Voor ’t oog van wie mijn hater is, hebt Gij mijn dis gespreid,
met olie wordt mijn hoofd gezalfd, mij beker is bereid.

Genade-en goedheid volgen mij mijn ganse levensdag,
totdat ik eens in ’s Heren huis voor eeuwig wonen mag.

Evangelielezing: Mattheüs 10: 29 – 33 NBV (men staat op, zover mogelijk)

Jezus stuurt de leerlingen er op uit om de mensen te vertellen van Gods goedheid. En Hij bindt ze op het hart voor geen mens bang te zijn. Hij zegt:

29  Wat kosten twee mussen? Zo goed als niets. Maar er valt er niet één dood neer als jullie Vader het niet wil. 30  Bij jullie zijn zelfs alle haren op je hoofd geteld. 31  Wees dus niet bang, jullie zijn meer waard dan een hele zwerm mussen. 32  Iedereen die Mij zal erkennen bij de mensen, zal ook Ik erkennen bij Mijn Vader in de hemel. 33  Maar wie Mij verloochent bij de mensen, zal ook Ik verloochenen bij Mijn Vader in de hemel.
Zalig die het woord van God horen en er gehoor aan geven!

Credo:  (nog steeds staande)
Ik geloof in God.
Schepper van hemel en aarde.
Oneindig hoog verheven.
Vol liefde voor heel de schepping.
Daarom wil Hij ons een Vader zijn,
een Moeder, vol zorg en genade.
Daarom wil Hij ons een broeder zijn,
in Jezus, die mens werd als wij.
Geroepen om de goede boodschap te brengen
van Gods liefde voor ons allen.
Opdat wij Hem daarin volgen.
Gekruisigd is Hij, gestorven, en begraven.
Maar opgestaan als eerste der mensen,
tot leven in eeuwigheid.
Zijn Geest wil in en bij ons zijn.
Ons de weg wijzen die we mogen volgen: Jezus.
De weg naar God en naar elkaar.
In doop en genade, licht en vergeving
zijn wij zo met elkaar verbonden,
in de hoop op leven dat komt en dat blijft:
in Gods liefde, waar geen einde aan komt.
Amen.

Overdenking
GENADE ZIJ U EN VREDE VAN GOD ONZE VADER EN VAN JEZUS CHRISTUS, ONZE HEER,
DOOR DE HEILIGE GEEST.

Lieve mensen,
Lieve familie, Ewoud en Lieneke allereerst, maar ook zuster, schoondochter, kleinkinderen, en zelfs een achterkleinkind: Justin… en verdere familie natuurlijk…
Lieve vrienden en gemeente van onze Heer Jezus Christus.
….    ….    ….    ….    ….    ….    ….    ….    ….    ….    ….    ….   
In de Bijbel is God niet alleen maar de Schepper van de mens, die komt pas als laatste aan bod.
Hij is Schepper van hemel, zee en aarde, waar het wemelt van de vogels, vissen en dieren,
en vol liefde is Hij voor heel de schepping:

ook planten en dieren hebben een ruime plek in Gods hart,
zoals ze een ruime plek hadden in Nels hart.
Dat komt dus wel goed, tussen die twee!
 
Daar had ze ook wel vertrouwen in.
Daarom was voor haar de kerk, de gemeente, altijd al een plek om op adem te komen.
 
Zoals in de Bijbel de rustdag is gegeven aan heel de schepping om op adem te komen:
de mensen, maar ook hun vee mogen de tijd en de rust hebben om God te loven.

Want als je altijd maar aan het werken bent, altijd maar aan het zwoegen, dan kom je daar niet aan toe, en dan leef je als iemand die zich niet bewust is van zijn omgeving,
niet bewust van haar afkomst of toekomst
 
Niets is zo heilzaam als slaap en als bewuste rust op zijn tijd.
En zo zorgzaam is God, dat Hij ons ook daarvoor gelegenheid geeft.
Want Hij weet dat we meer nodig hebben dan voedsel alleen
We hebben het ook nodig om bezig te zijn met de dingen die verder gaan.
Die voedsel voor de ziel zijn.
 
Voor ons zijn dat de verhalen over God.
De woorden van God, die ons zijn doorverteld, die zijn opgeschreven,
die van vader op zoon en van moeder op dochter zijn voorgezongen en nageleefd
En die vind je ook hier in de kerk.
Daar kon Nel erg van genieten. Ze kwam hier graag en bleef erg betrokken, en vroeg, ook toen haar voeten haar niet meer zo ver konden dragen, en ze niet meer naar de kerk kwam, regelmatig naar iedereen.
En naar de Paas-lunches leefde ze toe, al lang van te voren, ze droeg zelf ook steeds de heerlijkste gerechten daarvoor aan. Ze hield van de gezelligheid daarbij, en de warmte. En bracht haar eigen vriendelijkheid en warme aandacht mee…
Het ging haar niet alleen om de lunch. Er was méér dat ze er zocht – en ook vond.

“De mens leeft niet van brood alleen, maar van ieder woord dat van Gods mond uitgaat”, heeft Jezus gezegd.
En Hij, Jezus, is ons Gods woord komen brengen. Niet als een profeet, maar als een levende werkelijkheid.
Waar Hij spreekt, klinkt Gods woord.
En daarom mogen we vandaag ook troost vinden in Zijn woorden over de musjes
 
Twee musjes voor een dubbeltje of zo.
4 – 5 eurocent misschien.
En toch weet God wat er mee gebeurt.
Er valt er niet een op de grond, zonder dat onze Hemelse Vader er bij is.

Hij weet er alles van
 
Daarom was Hij er ook bij toen Nel insliep, zich met open ogen een ander en nieuw leven in-droomde.
Zomaar zittend naast Lieneke in de auto, op weg naar een afspraak.
Niet wetend dat er in haar agenda een andere afspraak was gezet.
 
Ze keek wat naar buiten, naar de velden – Lieneke en ik zijn er zondag nog eens langs gereden – en zó keek ze buiten zich, in de liefdevolle ogen van de Heer, die haar uitnodigde met Hem mee te gaan.
Daar zeg je geennee’  tegen…

 
Ze was voor altijd bij Hem.
 
En zo was Hij er bij, toen ze door de mensen van de politie uit de auto werd gehaald en op de grond werd neergelegd. En toen er vriendelijke mensen plaats voor haar maakten in hun huis.
 
Eindelijk rust…
 
Want ze heeft een bewogen leven geleid.
Ze was nog maar net 20 toen de oorlog uitbrak.
Ze werkte als secretaresse onder andere mee aan de bouw van de Maastunnel.

Dan ben je wel betrokken bij een gigantisch gebeuren, daar in Rotterdam.
En ondanks het bombardement is het doorgegaan, is er doorgebouwd.
Ze was een radertje in dat geheel
 
Maar de oorlog sloeg hard toe.
Haar vader was in het begin van de oorlog al vertrokken naar Engeland, met al het goud van de Nederlandse Bank, hij was bij de koopvaardij, en hij kwam pas in 1946 terug, waarbij hij tweemaal met zijn schip getorpedeerd was.
U kunt u voorstellen in wat een spanning de familie leefde… En ook moesten Nel en haar zus er op uit om voedsel te halen, ver buiten Rotterdam. Spannende tochten, die Nel niet snel vergat. Haar zus ook niet...

En dan raak je verliefd en verloofd en getrouwd met je grote liefde, en dan slaat het noodlot toe: een jonge vrouw die al een groot verlies heeft doorstaan en die nog in verwachting is van haar zoontje komt er alleen voor te staan.
Nel was met 26 jaar al weduwe. Een klap die haar diep heeft verwond en veel pijn heeft gedaan.
Dat was in een tijd waarin iedereen het krap had, en waarin nauwelijks sociale voorzieningen waren, ook geen eenvoudige zaak.
Wat een geluk dat ze in 1950 weer iemand trof,
die het wel met haar en haar gezinnetje aandurfde.

Een flinke man, ook een aardige man, maar niet altijd even makkelijk. Niet voor zichzelf, en niet voor zijn gezin.
Zo ging dat toen.
En Nel had al geleerd dat het leven geven en nemen is. En met haar ruime hart gaf ze gul en graag.
Maar ze wist ook haar grenzen te trekken.
Ze hield veel van mensen, maar ze liet ze niet makkelijk tot zich doordringen. Daarvoor was ze al te veel kwijt geraakt.

Ze was te kwetsbaar in het verlies van dierbare mensen
Maar ze kon zich van harte inzetten voor mensen en dieren die haar nodig hadden.
 
In Suriname, waar ze zich heel erg op haar plaats voelde, heeft ze zich zeer betrokken gevoeld bij de melaatsen, die je daar nog zo veel had.
Ze heeft er voor gedaan wat ze kon.
Daarin kon ze Jezus volgen op een heel tastbare manier.
Toen ze teruggingen, is daar een stukje van haar hart achtergebleven…
Maar ze was altijd loyaal aan de mensen die ze liefhad.
 
Me dunkt, een zeer bewogen leven.
Maar ook haar man Henk werd ziek.
En daar heeft ze veel van geweten.
De band met haar dochter werd er nauwer door.
Ze hebben erg veel samen gedeeld, goede en moeilijke dagen.
 
Dikwijls werd het leven haar even te veel, vond ze het zwaar, vaak kon ze er ook intens van genieten,
zomaar even aan het water wat drinken, iets gezelligs doen, pret maken… het was er ook allemaal.
 
En in dat alles was er steeds weer de natuur, en met name de dieren, die haar kracht gaven.
Ze had er een heel direct contact mee, en begreep ze beter dan menig ander.
En ze hechtte zich er aan, op een andere manier dan aan mensen.
Minder bang ze te verliezen, omdat het een ander soort relatie was…
En er was ook altijd het vertrouwen, dat God haar wel op zou vangen, als het nodig was.
 
En Hij heeft haar in Zijn armen genomen, en slapend met Zich meegenomen, naar de plek die voor haar was bereid: een plek aan Zijn hart, waar ze haar geliefden weer zag, en waar ze op ons wacht.
 
Heel de schepping weet dat we het van God moeten hebben, als het er op aankomt.
We hoorden het in psalm 104.

 
Daarin was Nel een natuurmens.
En daarin mogen we iets van haar leren.
Nee, ze was geen mens zonder fouten.
Ze was misschien te bang om ‘nee’ te zeggen. Dat leerden we vroeger niet.
We moesten als vrouwen en meisjes altijd ‘lief’  wezen.
Gelukkig weten we nu beter.
Maar ze wàs lief. Van binnen uit. Een lieve moeder, een lieve grootmoeder, en ook Justin weet wel dat ze lief was…  Want wie gezegend is met zo’n ruim hart als Nel, die kijkt met Gods ogen naar de wereld.
 
Die weet van de liefde die zichzelf niet zoekt.
 
Daarin heeft ze het voorbeeld van Jezus gevolgd.
Dat mogen we van haar leren. 

Daarin heeft ze Hem erkend bij de mensen.
Zo erkent Hij haar bij God.
 

En daarom kunnen we vol vertrouwen en rust haar lichaam nu ook loslaten.
Omdat haar geest, haar wezen, in Gods liefdevolle handen rust, en in Gods grenzeloze liefde ons altijd nabij zal blijven.
Dat mag ons troosten.
 

Amen.

Muziek
 
Edy zingt: Ruhe sanft in Gottes Frieden Rob. Schumann

Ruhe Sanft in Gottes Frieden,
da vollendet Deine Zeit und Dir süße Rast beschieden,
Ruh und Rast nach Müh und Leid.
Ist auch unserm Blick entschwunden, was von Dir einst sterblich war,
bleibt Dein Bild doch alle Stunden uns im Herzen hell und klar.
 
Wenn die Lieben von uns gehen, wenn ihr Müdes Auge bricht:
ihr Gedächtnis bleib bestehen, es vergeht und endet nicht.
Ruhe denn in stillen Mauern von des Lebens Stürmen aus!
Unsre Liebe, sie wird dauern über Tod und Grab hinaus.

Nu is er een Collecte
voor het Leprafonds.
Mocht U dit overvallen, dan kunt U thuis ook een bijdrage overmaken ter nagedachtenis van Nel op giro 3243999 van de st. Leprazending Apeldoorn of de rekening van het plaatselijk asiel, dat ook Nels warme liefde had. Intussen proberen we een CD te draaien van Eric Clapton, hij schreef dit lied toen zijn kleine zoontje uit een flat omlaag was gestort en overleden was. Nel hield veel van deze muziek…

Eric Clapton.


Would you know my name
If I saw you in heaven.
Would it be the same
If I saw you in heaven.
I must be strong
And carry on
'Cause I know
I don't belong
Here in heaven.
Would you hold my hand
If I saw you in heaven.
Would you help me stand
If I saw you in heaven
I'll find my way
Through night and day,
'Cause I know
I just can't stay
Here in heaven.
Time can bring you down.
Time can bend your knees.
Time can break your heart,
Have you begging please,
begging please.
Beyond the door
There's peace, I'm sure
And I know there'll be no more
Tears in heaven.


Zou je mijn naam kennen
als ik je in de hemel zag.
Zou het hetzelfde zijn
als ik je in de hemel zag.
Ik moet sterk zijn
en verder gaan
want ik weet
dat ik niet thuishoor
hier in de hemel.
Zou je mijn hand vasthouden
als ik je in de hemel zag.
Zou je me helpen volhouden als ik je in de hemel zag.

Ik zal mijn weg vinden dwars door dag en nacht
want ik weet
dat ik niet kan blijven
hier in de hemel.
De tijd kan je klein krijgen.
De tijd kan je op de knieën krijgen.
De tijd kan je hart breken,
van jou een bedelaar maken, een bedelaar maken.

Aan de andere kant van de deur
is er vrede, ik weet het zeker
En ik weet dat er geen tranen meer zullen zijn in de hemel.


Laten we danken en bidden…
 
Lieve God,
Wij willen U danken voor dit leven, dat in ons midden is geleefd, en dat we vaak maar zo ten dele hebben mee gemaakt.
Wij danken U voor het leven van Nelly Catharina de Jong, die samen met Karel Dubbelman en Henk van der Steen, met Ewoud hun zoon en Lieneke hun dochter, heeft geleefd en geleden, bemind en gestreden om er iets moois van te maken.
En waar, alle goede bedoelingen ten spijt, we elkaar pijn hebben gedaan, vragen we U om vergeving, Heer.
Zo moest het niet zijn.
Waar we elkaars goede bedoelingen niet hebben herkend, niet op waarde geschat, vragen we U om hulp om het anders te gaan doen. Om elkaar bij te staan.
Zoals Nel er altijd wilde zijn voor de mensen waar ze om gaf. Haar kinderen in het bijzonder.
Wees met allen die haar zullen missen in hun leven.
En laat ons de goede herinneringen levend houden…
Wij bidden U om haar voor mensen en dieren die het moeilijk hebben. Voor de melaatsen, voor heel het dierbare Suriname, en voor ons allen, Heer…
En wij aanbidden U samen met de woorden die Jezus ons leerde:
Onze Vader, die in de hemel zijt,
Uw Naam worde geheiligd
Uw Rijk kome
Uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood
En vergeef ons onze schulden,
Zoals wij aan anderen hun schuld vergeven
En leid ons niet in verzoeking
Maar verlos ons van het kwade

Zegen
De Heer van dood en leven,
de Moeder vol barmhartigheid,
schenkt ons allen overvloedig
genade en liefde,
om Christus’ sterven en opstanding.

In Zijn dood sterft onze dood,
in Zijn leven mogen wij verder leven,
nu en altijd.
Amen.

Terwijl de kist wordt gesloten en uitgedragen zingen we staande: Veilig in Jezus’ armen…


Veilig in Jezus’ armen vrij bij mijn Heer en Borg,
vrij van ’t gewoel der wereld, vrij van verdriet en zorg;
vrij van de vrees en twijfel, vrij van der zonden macht;
nu komt een eind aan ’t lijden, Gods dag vervangt de nacht.
Veilig in Jezus’ armen, vrij bij mijn Heer en Borg,
vrij van ’t gewoel der wereld, vrij van verdriet en zorg.

Jezus mijn dierb’re toevlucht, U gaf Uzelf voor mij!
Dat op die rots der eeuwen eeuwig mijn hope zij.
Laat mij geduldig wachten totdat het donker vliedt,
en ’t oog aan gindse kusten Uw heillicht gloren ziet.
Jezus mijn dierb’re toevlucht, U gaf Uzelf voor mij!
Dat op die rots der eeuwen eeuwig mijn hope zij.

Zo volgen we de baar naar de begraafplaats,

Op het kerkhof:
Joke van der Steen zingt van Peter Rippen:
 
Laten wij dan nu begraven
wie haar taak hier heeft gedaan,
toe vertrouwen aan de aarde
met haar woorden verdergaan…
Stof uit stof en as uit as.
 
Laten wij dan nu de tranen
van verdriet en van gemis
laten vallen op de aarde
die ons wieg en woning is…
Stof uit stof en as uit as.
 
Laat nu achter, zonder zorgen,
wat er bleef van deze mens,
wetend dat haar geest geborgen
bij de Bron van alles is…
Stof uit stof en as uit as.


Ik lees u: Jesaja 43: 2-3 waar staat:
Vrees niet, want Ik heb u verlost.
Ik heb u bij uw naam geroepen,
gij zijt Mijn.
Gaat ge door rivieren,
ze zullen u niet wegspoelen.
Als ge door het vuur gaat,
zult ge niet verteren,
want Ik, de Heer, ben uw God,
de Heilige Israëls,
uw verlosser.


Jezus zegt:
“Ik ben de opstanding en het leven;
wie in Mij gelooft zal leven,
ook al is zij gestorven;
en een ieder die leeft en in Mij gelooft,
zal in eeuwigheid niet sterven.”
 
Terwijl de kist wordt neergelaten:
Nu het leven van
Nelly Catharina de Jong
ten einde is gegaan,
vertrouwen wij haar toe aan God onze Vader,
bij wie de bron van leven is
en de gedachtenis der namen.

Wij zegenen haar lichaam met het teken des kruises

Haar lichaam leggen wij
in de schoot van de aarde,
aarde tot aarde,
zoals een zaad gezaaid wordt
tot de oogst.

Niemand leeft voor zichzelf,
niemand sterft voor zichzelf,
wij leven en sterven voor God onze Heer!
Amen
 

Laten wij dan allen samen het gebed bidden dat ons door Gods Zoon is geleerd:

Onze Vader, die in de hemel zijt,
Uw Naam worde geheiligd,
Uw Rijk kome
Uw Wil geschiede, op aarde zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood
en vergeef ons onze schulden,
zoals wij aan anderen hun schuld vergeven;
en leid ons niet in verzoeking 
maar verlos ons van het kwade!
Want van U is het rijk, en de kracht,
en de heerlijkheid in eeuwigheid. Amen.
 

Dankwoord namens de familie…  (Lieneke)
 
Wij zingen samen: U zij de glorie

De kinderen en kleinkinderen strooien als eersten bloemen op het graf…
 
Zegen voor onderweg

De Heer is voor u, om u de juiste weg te wijzen.
De Heer is achter u om u in de armen te sluiten 
en om u te beschermen tegen gevaar.
De Heer is onder u om u op te vangen wanneer u dreigt te vallen.
De Heer is in u, om u te troosten als u verdriet hebt.
Hij omgeeft u als een beschermende muur,
wanneer anderen over u heen vallen.
De Heer is boven u om u te zegenen
In de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. 
Amen


 (Men wordt nu in de gelegenheid gesteld afscheid te nemen,  een schep ter hand te nemen of een bloemengroet te brengen.
De familie blijft als laatste bij het graf, en hoopt allen de hand te drukken in de Open Hof. )