In de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
Amen

Onze hulp is in de naam van de Heer
die hemel en aarde gemaakt heeft


Heer, vergeef ons al wat wij misdeden
en laat ons weer in vrede leven

Zo lief had God deze wereld, dat  Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt,
en eeuwig leven hebben mag!


Dit is de eerste zondag na Epiphanie
en onze Introďtus-psalm is psalm 72: 1, 4 en 7

Hij zal de redder zijn der armen,     hij hoort hun hulpgeschrei.
Hij is met koninklijk erbarmen        hun eenzaamheid nabij.
Hij helpt, met hun bestaan bewogen,  die zijn in vrees verward.
Hun bloed is kostbaar in zijn ogen.  Hij draagt hen in zijn hart.

Laat ons de grote naam bezingen   van Hem die Isrel leidt,
want Hij alleen doet grote dingen,  zijn roem vervull' de tijd.
Looft God de HEER, Hij openbaarde    zijn wonderen, zijn eer.
Zijn heerlijkheid vervult de aarde.  Ja, amen, looft de HEER.

Laten we de Heer aanroepen om ontferming met de nood van deze wereld,
en laat ons Zijn naam prijzen,
want aan Zijn barmhartigheid is geen einde!

zondagsgebed
God, boven alle hemelse machten, richt in Uw goedheid Uw ogen op het verlangen van Uw volk, opdat wij Uw wil kennen, en de kracht ontvangen die te volbrengen. Door Jezus Christus, onze Heer. Amen.

lezing Oude Testament  Genesis 1: 1 - 5

1  In het begin schiep God de hemel en de aarde.
2  De aarde was nog woest en doods, en duisternis lag over de oervloed, maar Gods geest zweefde over het water.
3  God zei: ‘Er moet licht komen, ‘en er was licht.
4  God zag dat het licht goed was, en hij scheidde het licht van de duisternis;
5  het licht noemde hij dag, de duisternis noemde hij nacht. Het werd avond en het werd morgen. De eerste dag.

Wij zingen nu psalm 105: 1, 15 en 16


God gaf een wolk die hen geleidde,  een vuur in 't duister aan hun zijde.

Zo trokken zij in vrede voort,  en steeds heeft God hun wens verhoord.
Hij zond hun kwakkels in de nood,  en uit de hemel hemels brood.

God laafde hen in dorre streken,  deed water uit de rotsen breken,
't werd een rivier en stroomde voort,  want Hij gedacht zijn heilig woord,
de trouw die Hij had toegezegd  aan vader Abraham, zijn knecht.

Epistel . 1 Corinthe 10: 1 - 6 .

Beste mensen,
Voorafgaande aan de Epistellezing wil ik U graag enkele daarin gebruikte uitdrukkingen toelichten. De gekozen perikoop behoort tot de wat minder toegankelijke bijbelteksten. Corinthe was een bruisende havenstad in de oudheid, waar de prediking van de Christelijke vrijheid gemakkelijk kon omslaan in losbandigheid. Tegenover de mening dat aan een Christen alles geoorloofd is, zet Paulus de waarde van de discipline van een sportman of –vrouw. Let erop, dat je niet gediskwalificeerd wordt tenslotte, zegt hij in hoofdstuk 9. Dat was vele Israëlieten overkomen op hun tocht door de woestijn naar het beloofde land. Zij waren begonnen onder de wolk, d.w.z. de rookkolom, die overdag Gods aanwezigheid zichtbaar maakte. (’s nachts zagen ze een vuurzuil.)
Ze waren gedoopt in de naam van Mozes door de Rode Zee gegaan, staat er. Daarmee is bedoeld dat ze onder zijn leiding een hechte eenheid waren geworden. Als geestelijke, dit is: uit de hemel gezonden spijze hadden ze van God het manna, een soort broodachtig rijp, ontvangen, en kwakkels, en als drank water, dat Mozes aan de rots deed ontspringen als hij er met zijn staf op sloeg.
(Sommige rabbijnen zeiden, dat de watergevende rots het volk begeleid had op de reis.Weer anderen beweerden dat een waterstroom continu gevloeid had door de woestijn, tot aan het beloofde land) (psalm 105 zegt óók iets dergelijks!)
Maar toch was het Godsvolk onderweg zéér ontevreden geweest over God én ongehoorzaam.
De Christenen hadden en soortgelijke zorg van God ervaren: gedoopt in Christus’ naam en zo één volk geworden, gespijzigd met hemels brood in het Heilig Avondmaal, en met wijn gelaafd.
Let erop, dat jullie niet óók gediskwalificeerd worden…

1  Broeders en zusters, ik wil graag dat u weet dat onze voorouders allemaal door de wolk werden beschermd en allemaal door de zee trokken,
2  dat ze zich allemaal in de naam van Mozes lieten dopen in de wolk en in de zee.
3  En ze aten allemaal hetzelfde geestelijke voedsel
4  en dronken allemaal dezelfde geestelijke drank. Ze dronken uit de geestelijke rots die hen volgde–en die rots was Christus.
5  Toch wees God de meesten van hen af, want hij liet hen bezwijken in de woestijn.
6  Dit alles strekt ons tot voorbeeld: wij moeten niet uit zijn op het kwade, zoals zij.

Psalmwoord . Halleluja! Komt, laten wij jubelen voor de Heer, juichen voor onze rots, onze redding!
Halleluja!.


We zingen gezang 319: 1 en 4
 
Looft God, want Hij spreekt onze taal,
Hij troont op onze lof.
In woord en doop en avondmaal
houdt Hij bij ons zijn hof.

het heilig evangelie staat geschreven bij:  Mattheüs 3: 13 - 17

13   Toen kwam Jezus vanuit Galilea naar de Jordaan om door Johannes gedoopt te worden.
14  Maar Johannes probeerde hem tegen te houden met de woorden:
‘Ik zou door u gedoopt moeten worden, en dan komt u naar mij?’
15  Jezus antwoordde: ‘Laat het nu maar gebeuren, want het is goed dat we op deze manier Gods gerechtigheid vervullen.’ Toen stemde Johannes ermee in.
16  Zodra Jezus gedoopt was en uit het water omhoogkwam, opende de hemel zich voor hem en zag hij hoe de Geest van God als een duif op hem neerdaalde.
17  En uit de hemel klonk een stem:
‘Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde.’

Zalig die het woord van God horen, en er gehoor aan geven!

In antwoord op Gods woord willen wij ons geloof belijden: met het zingen van ons credo:

Preek
GENADE ZIJ U EN VREDE VAN GOD ONZE VADER EN VAN JEZUS CHRISTUS, ONZE HEER.

Lieve mensen,
Onlangs zag ik op de televisie een interview van Rik Felderhof met ds. Carel ter Linden. Het vond plaats in een prachtige villa in Toscane, waar de laatste regelmatig vertoeft om in alle rust zijn boeken te schrijven. (Nee! niet de boeken waaraan iedereen automatisch denkt bij het horen van de naam Ter - Linden. Ik bedoel niet: Het verhaal gaat, dát is van zijn broer Nico. Maar wel: Wandelen over het water, met als ondertitel: Bijbelse beelden en hun geheim; Een koningskind, het verhaal van Ruth verteld voor kinderen; Een vader had twee zonen, bij illustraties van Rembrandt; en Een land waar je de weg niet kent: over omgaan met rouwenden.)
Tijdens het gesprek maakte hij Felderhof attent op het feit, dat de bijbel een moeilijk boek is, een erg moeilijk boek zelfs.
Het stelt de lezer voor vragen, die ondanks grote aandacht geen bevredigend antwoord vinden. Bovendien is het soms bijna in geheimschrift geschreven.
Felderhof keek er een beetje van op, geloof ik. De bijbel richt zich toch tot iedereen?
En inderdaad geeft de hele reformatorische traditie ons de indruk, dat we allemaal de bijbel, zonder al te veel moeite kunnen lezen en begrijpen.
En de Nieuwe Bijbelvertaling wordt juist geroemd om haar leesbaarheid. Er bestaat zelfs een populair liedje, dat we niet in onze gezangen-bundel aantreffen, en dat de genoemde indruk preciseert. Ik denk aan de regel: Antwoord op al onze vragen geeft ons Uw woord.

Dat klinkt nogal overdreven. Wanneer een grote ramp de mensheid overvalt en iemand ons vraagt hoe zo’n catastrofe te rijmen is met Gods liefde voor mensen, volstaat het niet maar even een tekst uit de bijbel te citeren, die dat moeilijke vraagstuk in één klap oplost.
Ik zie wel, met innerlijke voldoening, dat een onvoorstelbaar grote zeebeving een ware golf van medeleven met de slachtoffers oproept, maar een bevredigend antwoord op de vraag naar het waarom van de ramp geeft de bijbel mij niet.
Ook het eeuwenoude verhaal van de zondvloed biedt geen echt houvast. God had er immers Zelf berouw van en liet een regenboog verschijnen als teken, dat Hij nooit meer zulke krasse maatregelen zou nemen… En de recente zeebeving dan? Met mijn verstand kan ik er niet bij!
Ja, de bijbel is een moeilijk boek, en Gods wegen zijn ondoorgrondelijk.

Rampen, die de mensheid overkomen, kúnnen toch wel iets te maken hebben met het feit, dat mensen geneigd zijn zich van God ŕf te keren, maar hoe dat verband precies in elkaar steekt, blijft rijkelijk ondoorzichtig.
De heilige Schrift vertelt mij niet zozeer, wat ik er van denken moet, als wel wat ik er aan doen kan.
Onze liturgie houdt ons elke zondag voor, dat we bidden moeten om Gods erbarmen met de nood van de wereld.
Zo worden we tevens impliciet uitgenodigd om Hem na te volgen in liefde en ontferming met hen die in nood geraakt zijn. En daarmee komt ons gevoel méér aan zijn trekken dan ons verstand.

Het verhaal van Johannes de Doper speelt ook in op de emotie. Onze verbeelding ziet een echte ruige Oud-Testamentische figuur voor ons oprijzen. Een profeet is hij, zoals er al een paar eeuwen niet meer waren opgetreden.
Het volk keek in die tijd zelfs uit naar iemand van nog groter betekenis. Geen profeet verwachtte het, maar de Messias, een man die door God gezonden zou zijn, en die het volk zou bevrijden van allerlei ellende, in het bizonder ook van vreemde overheersing. En opeens was daar iemand in de woestijn bezig met de aankondiging van zijn komst!
Hoog bezoek werpt zijn schaduw vooruit!

U herinnert zich nog wel, dat toen de koningin met haar rouwstoet kort geleden door Delft reed, de hele stad al dagen van te voren bemerken kon, dat er iets belangrijks te gebeuren stond.

Zo was Johannes, de voorloper, het teken dat de Messias in aantocht was. Het was zijn taak het volk voor te bereiden op de omwenteling, die Jezus teweeg zou brengen.
Johannes was een echte Oud-Testamentische figuur, die de grote schoonmaak niet schuwde. Het hele hardleerse volk moest er aan geloven. Hij sprak vrijmoedig over de zondige, van God afgekeerde, toestand waarin Israël verkeerde, en van de noodzaak tot bekering. Ze moesten zich laten dopen.
En dat zou ook moeten betekenen, dat ze zich met hart en ziel naar God zouden moeten toewenden.
Een onderdompeling in de Jordaan met een vroom uiterlijk, maar met een onveranderd innerlijk, zou door God niet geaccepteerd worden. Ze noemden zich kinderen van Abraham, en van afstamming wáren ze dat ongetwijfeld, maar wáár was bij hen Abrahams geloof, en waar was hun vertrouwen op God? En vooral: waar was bij hen Abrahams gehoorzaamheid aan Gods gebod?

Een boeteprediker was Johannes de Doper!
De Messias, die hij aankondigde, zou het volk niet alleen bevrijden, maar zou een daadwerkelijk einde maken aan alle ongerechtigheid. Hij zou optreden als de rechtvaardige rechter.

De Oud-Testamentische profetieën  zijn vol van belofte, en zien uit naar een heerlijke toekomst, maar Johannes weet ook van de keerzijde.
De heerlijke toekomstmuziek is voor de bekeerde rechtvaardigen, maar degenen die zich niet bekeren mogen bedenken, dat de bijl aan de wortel van de bomen ligt, en dat de wan, die de komende rechter in Zijn hand houdt, het kaf van het koren zal scheiden om het kaf te verbranden in het vuur.
Dat is nog eens Oud-Testamentische taal waarbij onze vaderen zich geheel thuis voelden! maar onze generatie weer (heel) wat minder. 
Wij houden niet zo van donderpreken.
Ik heb u trouwens al gezegd, dat ik met déze boodschap óók niet uit de voeten kan als ik iets moet zeggen over de zeebeving.
Er komen daarbij zoveel onschuldige kinderen in het gedrang.
Maar op een ander terrein heb ik er minder moeite mee, nl. als ik het heb over de vervuiling van onze aarde.
Die ligt echt aan óns.
Die is het directe gevolg van ons  onverantwoordelijk handelen.
Daar komt wel heel langzaam verbetering in, dank zij pressiegroepen uit de samenleving (want van de regeringen moet je het niet hebben!)
Op dit gebied heb ik ook wel een antwoord op de vraag: hoe kan God het toelaten?
Eenvoudig gezegd: God vraagt van ons, dat wij naar Zijn woord luisteren en er gehoor aan geven. Hij heeft ons als mensen in de wereld gezet en niet als automaten, die voorgeprogrammeerde handelingen verrichten.
Anders gezegd: God wil dat mensen Hem gehoorzamen uit vrije wil en uit liefde tot Hem en tot hun medemensen.
Wie die weg niet wil gaan, mist zijn of haar doel.
Er is geen eeuwig leven voor hen, die het niet uit Gods hand willen ontvangen.
Bekeert U en laat u dopen! Zo luidt de emotionele boodschap van Johannes, want anders….!

In die zetting zien we op een onverwacht ogenblik ook Jezus verschijnen op de plaats in de Jordaan, waar deze doophandelingen gebeuren.
Johannes verwondert er zich ten zeerste over.
Daar staat opeens voor hem de man van wie hij gezegd heeft, dat Hij die na hem komt sterker is dan hij; dat hij niet eens waardig is om als een slaaf de riem van zijn sandalen los te maken; dat hij zelf zeker wel doopt met water, maar dat die Ander met de Heilige Geest zal dopen en met vuur.
Daar staat voor hem de man die hij als de komende rechtvaardige Rechter beschouwt, die de geweldenaars van de aarde weg zal doen, of zoals hij het zelf uitdrukt, het kaf met onblusbaar vuur zal verbranden. En juist die man, die in alles boven hem uitsteekt, vraagt hem de waterdoop aan Hem te verrichten. Gods wegen zijn wel ondoorgrondelijk!
Jezus, die zonder zonde is, heeft toch zeker geen doop nodig tot bezegeling van zijn bekering?

Dit is weer zo’n vraag, waar geen direct antwoord op komt.
Jezus zegt simpelweg: als Ik degene ben voor Wie je Mij houdt, heb Ik gewoon recht op je gehoorzaamheid.
Gods gerechtigheid moet vervuld worden.
Dat woord is genoeg voor Johannes om tot de doop over te gaan. Misschien begreep hij als Jood wel een beetje wat Jezus bedoelde, maar ik had er niet onmiddellijk zicht op.
Pas toen ik me verdiepte in wat Paulus schreef aan de Christenen in Corinthe, kreeg ik een vermoeden, wat dat beroep op Gods wil inhoudelijk zou kunnen betekenen.
De apostel wijst de Corinthiërs op de verbondenheid van de uit Egypte weggetrokken Israëlieten met hun God.
Een verbondenheid, die een voorafschaduwing is van de eenheid van Christus met allen die in Hem geloven.
Er is een zekere parallellie te bespeuren tussen de bevrijding van hen die één geworden zijn met God onder Mozes’ leiding toen ze wegtrokken uit het land van hun slavernij, en de bevrijding uit de slavernij van de zonde en uit de zinloosheid van het bestaan.
De Christenen vinden en vonden hun eenheid in wat Jezus Christus voor hen gedaan heeft aan het kruis.
De Joden zijn in de woestijn bewaard en in leven gehouden door het manna; de Christenen door het avondmaalsbrood.
De dorst van de Joden wordt gelest door het water dat Mozes uit de rots slaat; die van de Christenen later door de avondmaalswijn, die in de tijd van Jezus (sterk geconcentreerd is en dan) met water vermengd gedronken wordt, zoals heden nog gebeurt in de RK eredienst…

Dat alles bracht mij op de gedachte, dat Jezus door Zijn doop zich één maakt met het volk waarvoor Hij Zijn leven wil offeren. Zoals God met Zijn volk door de Rode Zee trok en hun voortdurende weerspannigheid en ongehoorzaamheid in de woestijn op voorspraak van Mozes verdroeg, zo brengt Jezus ons, die gelovig, en ongelovig tegelijk, door de woestijn van het leven gaan tot in het koninkrijk der hemelen, dat Hij verkondigt.
Wij vallen wel iedere keer terug en pogen dan weer op te staan. Maar Hij blijft altijd aan onze zijde als wij ons maar tot Hem willen keren. Door zich met ons te laten dopen gaf Hij ons een teken dat Hij alle schuld die wij maar op ons kunnen laden voor Zijn rekening zou nemen.

Op Jezus’ bereidheid om met zoveel van huis uit onwillige mensen een nieuwe wereld te bouwen gaan de hemelen open en daalt de duif neer, waarvan we bij de overhandiging van de Nieuwe Bijbelvertaling aan de koningin hoorden hoe ze las dat de Heilige Geest bij de Schepping broedend boven de chaos zweefde. Die duif is het teken van Gods genade met de weerstrevende en altijd maar half gehoorzamende mens.
Zij daalde neer vanuit de hoge op Gods geliefde Zoon toen Hij zich liet dopen, en zij daalde neer op de kerk nadat onze Heer Jezus, de Christus, alles volbracht had met Pasen. Daarom verwachten wij Christenen een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Dat was de omwenteling, die wij in onze Heer Jezus vervuld zien. En wijzelf streven ernaar nieuwe mensen te worden.
De Joden zien onze pogingen een beetje sceptisch aan, en misschien zou een donderpreek van tijd tot tijd ons geen kwaad doen… Op deze vraag antwoord Johannes bevestigend! Maar antwoord op ŕl onze vragen geeft de bijbel niet. Het blijft een moeilijk te lezen boek, en  Gods wegen zijn ondoorgrondelijk, maar aan één ding houden we ons vast: Jezus is met ons op weg naar een nieuwe wereld. 

Amen.

Muziek

De kinderen komen binnen en gaan enthousiast collecteren.

Gezang 166: 1 en 2

 
Hij daalt ootmoedig in het water,   de vogel Geest komt aangesneld,
God heeft in Hem zijn welbehagen en alle zaligheid gesteld:
tegen de stroom staat Hij ten teken, hier wordt des levens loop gewend,
het blinde lot gestuwd tot zegen,    wij zijn tot in de dood gekend.

Gebed over de gaven
Lieve God, wilt U alstublieft zegenen wat we hier bijelkaar hebben gebracht,   zodat het is tot eer van Uw Naam,
en zodat het Uw gemeente wereldwijd ten goede komt.
Laat het een offer zijn, dat onze dankbaarheid en liefde uitdrukt,
door Jezus Christus, onze Heer.  Amen



Laten we danken en bidden:

Slachtoffers van de storm die gister door Europa trok …
hulpverleners slachtoffers
Darfur en Tsunami
zieken

Onze Vader, die in de hemel zijt,
Uw Naam worde geheiligd
Uw Rijk kome
Uw Wil geschiede, zoals in de hemel zo ook op aarde.
Geef ons heden ons dagelijks brood
en vergeef ons onze schulden,
zoals wij vergeven onze schuldenaren
en leid ons niet in verzoeking
maar verlos ons van het kwade

Staande zingen we ons Slotlied 339: 1 t/m 4

Wie ingaat tot dit water,   gaat met die inging in ons vlees,
de Zoon van de genade   die uit de dood herrees.

Wie ingaat tot dit water,   ontvangt die op het water zweeft,
die is uit Zoon en Vader,   de Geest die eeuwig leeft.

En opstaand uit dit water        vergeet hij 't land dat hij verliet,
omdat hij land en water  opnieuw geboren ziet.

Zegen:
De  genade  van onze Heer Jezus Christus,
de liefde van God de Vader
en de  gemeenschap van de Heilige Geest
is en blijft met u allen.  Amen