21 na Trinitatis 1-11- 2009 Lutherse kerk te Zeist
Organist: de heer Lijftogt. En 25 liturgietjes waren net genoeg..

IN DE NAAM VAN DE VADER EN DE ZOON EN DE HEILIGE GEEST.
Amen

ONZE HULP IS IN DE NAAM VAN DE HEER
die hemel en aarde gemaakt heeft.

Maar wij hebben sinds de vorige maal dat wij hier waren weer veel verkeerd gedaan. Dat berouwt ons. Daarom zeggen we:

Heer, vergeef ons al wat wij misdeden
en laat ons weer in vrede leven

God zal ons gebed stellig verhoren, want de apostel Johannes verzekert ons in het naar hem genoemde evangelie, dat God deze wereld zo liefhad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt, en eeuwig leven hebben mag!

Lieve gemeente.
Vanmorgen staat de eredienst in het teken van de Reformatie. Gisteren was het immers de 31ste october, en aan mijn vrouw en mij is gezegd, dat het stilstaan bij de hoogst belangrijke gebeurtenis die in Wittenberg op deze datum plaats vond in Luthers Zeist op prijs wordt gesteld.
Wij zullen er beiden over spreken: mijn vrouw tijdens ons bijeenzijn na de dienst, en ikzelf in een korte preek. Mijn vrouw belicht een stukje geschiedenis. Daar was op een gegeven moment vraag naar. En ik blijf mijn aandacht schenken aan de tekst van het Johannes evangelie.
Wat heeft die ons over de grondgedachte van de Reformatie te zeggen? Ik zal pogen het kort te houden, want het is ook goed hen te gedenken die in deze gemeente een lege plaats in de harten hebben achter gelaten. Morgen is het immers Allerzielen!
Ieder van u krijgt straks gelegenheid om een kaarsje op te steken voor hem of haar wier gedachtenis voor U van betekenis is.
Dat kost natuurlijk even wat tijd, maar als wij aan het Avondmaal gaan, willen wij de herinnering aan onze dierbaren graag medenemen. Uiteraard is niemand verplicht iets te doen, waaraan geen behoefte bestaat, maar persoonlijk denk ik aan iemand uit de kring van mijn wijdere familie. In mijn jeugd was zij voor mij een vriendelijk licht, en mijn vrouw heeft hier in Zeist haar begrafenis geleid. En verder denk ik nog altijd met veel genegenheid aan Frans de Bordes, aan wie ik in het laatst van zijn leven herhaaldelijk brood en wijn mocht brengen.

Introïtuspsalm 119: 1,6 en 7

O God, ik ben van harte zeer verblijd
over de weg van uw getuigenissen.
In uw bevelen ligt mijn zaligheid,
ik zal mij van uw wegen vergewissen.
Ik loof U, die mijn grootste rijkdom zijt,
laat mij, o HEER, geen van uw woorden missen.

Zegen uw knecht die Gij uw wil gebiedt.
Ontvouw de wet die Gij ons openbaarde.
Open mijn oog, zodat het helder ziet,
dat ik de wondren van uw wet ontware.
O HEER, verberg mij uw geboden niet:
ik ben een gast en vreemdeling op aarde.

LAAT ONS DE HEER AANROEPEN OM ONTFERMING MET DE NOOD VAN DEZE WERELD, EN LAAT ONS ZIJN NAAM PRIJZEN,
WANT AAN ZIJN BARMHARTIGHEID IS GEEN EINDE


Zondagsgebed

Heer onze God,  wil ons ook vandaag sterken en bevestigen door Uw Heilig Woord, geef dat het vrucht mag dragen in ons geloof en werk, tot lof en eer van Uw Naam.
Door Jezus Christus, onze Heer. Amen.

Lezing uit het Oude Testament: Genesis 15: 1 - 6

1   Enige tijd later richtte de HEER zich tot Abram in een visioen: ‘Wees niet bang, Abram: Ikzelf zal jou als een schild beschermen. Je loon zal vorstelijk zijn.’
2   ‘HEER, mijn God, ‘antwoordde Abram, ‘wat voor zin heeft het mij te belonen? Ik zal kinderloos sterven, en alles wat ik bezit zal het eigendom worden van Eliëzer uit Damascus.
3  U hebt mij immers geen nakomelingen gegeven; daarom zal een van mijn dienaren mijn erfgenaam worden.’
4  Maar de HEER sprak opnieuw tot hem: ‘Nee, niet je dienaar zal jouw bezittingen erven, maar een kind dat jijzelf zult verwekken.’
5  Daarop leidde Hij Abram naar buiten. ‘Kijk eens naar de hemel, ‘zei Hij, ‘en tel de sterren, als je dat kunt.’ En Hij verzekerde hem: ‘Zo zal het ook zijn met jouw nakomelingen.’
6  Abram vertrouwde op de HEER en deze rekende hem dit toe als een rechtvaardige daad.

De graduale-psalm is psalm 84: 1. 

epistel: Openbaring 14: 6 - 7
Een visioen van verkondiging.

Toen zag ik opnieuw een engel, die hoog in de lucht vloog. Hij had een eeuwig evangelie dat hij bekend moest maken aan de mensen op aarde, uit alle landen en volken, van elke stam en taal.
7 Luid riep hij: ‘Heb ontzag voor God en geef hem eer, want nu is de tijd gekomen dat hij zijn oordeel zal vellen. Aanbid hem die hemel en aarde, zee en waterbronnen geschapen heeft.’

Psalmwoord: De hartstocht voor Uw Huis heeft mij verteerd, de smaad van wie U smaadt, is op mij neergekomen(Psalm 69)
HALLELUJA! (Psalm 138:2)
 

Gezang 401: 1 t/m 4

Al onze macht is ijdelheid: wij gaan terstond verloren,
wanneer de held niet voor ons strijdt, die God heeft uitverkoren.
Zo gij 't nog niet wist: Jezus Christus is 't, de Heer van 't heelal,
die overwinnen zal, - God zelf staat ons terzijde.

Al wordt de wereld ook een hel en 't leven niets dan lijden,
wij vrezen niet, - Immanuël zal stellig ons bevrijden.
Hoe satan ook woedt en wat hij ook doet, 't is machtloos geweld, - 
zijn vonnis is geveld. Eén woord, en hij moet vallen.

Gods heilig woord alleen houdt stand, Gods waarheid zal ons staven.
Hij leidt ons en met milde hand schenkt Hij zijn geestesgaven.
Al rooft de tyran ons wat hij maar kan, ons goed en ons bloed, -
laat hem zijn overmoed! Gods rijk blijft ons behouden.

Het heilig Evangelie staat geschreven bij: Johannes 2: 13 - 25

13 Kort voor Pesach, het Joodse paasfeest, reisde Jezus naar Jeruzalem.
14 Daar trof Hij op het tempelplein de handelaars in runderen, schapen en duiven aan, en de geldwisselaars die daar altijd zaten.
15 Hij maakte een zweep van touw en joeg ze allemaal de tempel uit, met hun schapen en runderen. Hij smeet het geld van de wisselaars op de grond, gooide hun tafels omver
16 en riep tegen de duivenverkopers: ‘Weg ermee! Jullie maken een markt van het huis van Mijn Vader!’
17 Zijn leerlingen dachten aan wat er geschreven staat: ‘De hartstocht voor uw huis zal mij verteren.’
18 Maar de Joden vroegen: ‘Met welk teken kunt u bewijzen dat u dit mag doen?’
19 Jezus antwoordde hun: ‘Breek deze tempel maar af, en Ik zal hem in drie dagen weer opbouwen.’
20 ‘Zesenveertig jaar heeft de bouw van deze tempel geduurd, ‘zeiden de Joden, ‘en u wilt hem in drie dagen weer opbouwen?’
21 Maar Hij sprak over de tempel van Zijn lichaam.
22 Na Zijn opstanding uit de dood herinnerden Zijn leerlingen zich dat Hij dit gezegd had, en zij geloofden de Schrift en alles wat Jezus gezegd had.
Zalig die het Woord van God horen en er gehoor aan geven!

Credo:
Wij geloven in God, schepper van hemel en aarde,
van meer dan we kunnen bedenken, van alles wat is.

Wij geloven dat God van ons houdt,
zoals een Vader en een Moeder,
voor ons wil zorgen, ons beschermt.

Wij geloven dat God mens werd:
Jezus, om ons lot te delen,
om op Zich te nemen onze zonden, al ons leed.
Om dwars door dood en hel heen ons thuis te halen in de hemel,
eens... op Zijn tijd.
Wij geloven dat Gods Geest tot ons spreekt in brood en wijn,
in woord en lied, in de stilte van ons hart,
om ons op de weg te zetten naar God en naar de ander,
om zo beeld van God te zijn.

Wij geloven dat mensen-op-weg-naar-God
bij elkaar horen, als de vingers van een hand,
als de leden van een lichaam, 
ongeacht rang of stand, kerk of land.
Wij geloven dat doop en vergeving, genade en goedheid
ons in eeuwigheid zullen doen leven, met elkaar en met God.
Amen.

Preek
Johannes 2: Bedehuis voor alle volken

GENADE ZIJ U EN VREDE VAN GOD ONZE VADER EN VAN JEZUS CHRISTUS, ONZE HEER.
Lieve mensen,
Dit verhaal van de tempelreiniging komt voor in alle vier evangeliën. Bij Marcus, Mattheüs en Lucas staat het vermeld op de tijd, waarop het zich vermoedelijk in werkelijkheid heeft afgespeeld, namelijk een dag of wat voor Jezus’ kruisiging. De formulering met zijn markante tegenstelling: ‘Gij hebt er een rovershol van gemaakt, maar God bedoelde de tempel als een bedehuis voor alle volkeren’, komt uit een profetie van Jeremia. (Jeremia 7) En we behoeven maar te horen van handel op het tempelterrein of we menen te weten wat Jezus’ critiek en misnoegen geweest moet zijn, namelijk commercie op een door Gods aanwezigheid geheiligde plaats. Maar is dat wel echt waar het om gaat?
Wie het evangelie van Johannes erop naleest, ziet dat deze laatste evangelist daar anders over denkt. Hij zegt dat de discipelen pas na verloop van tijd begrepen hebben wat Jezus’ verontwaardiging gaande maakte. Daarom licht hij het hele verhaal uit zijn geschiedkundig verband en haalt het helemaal naar voren. De ergernis over de commercie speelt wel een rol, maar Jezus’ bemoeienis met het huis van de Heer gaat daar ver boven uit.
Jezus verwijt degenen, die het in deze tijd in de tempel voor het zeggen hebben, dat zij door hun eigen respectloze gedrag bezig zijn zich als rovers Gods woning toe te eigenen. Zo breken zij de tempel in geestelijk opzicht af. Zij vervreemden Gods huis van Zijn eigenlijke bestemming. Het huis van God behoort een bedehuis te zijn, waarin alle volken dezelfde en enig ware God aanbidden, en zo in Hem de onderlinge eenheid vinden. In die gemeenschappelijke aanbidding daalt Gods vrede op hen neer.

Het verwijt waar ik over sprak, wordt echter geheel overstraald door een belofte die Jezus doet. Hij verklaart plechtig dat in drie dagen een nieuwe tempel zal oprijzen. Natuurlijk wordt Hij dan niet onmiddellijk begrepen. Onder Joodse geleerden is het de gewoonte elkaar raadsels voor te leggen. Maar wij weten inmiddels wel, dat Jezus op Zijn opstanding zinspeelde.

Johannes heeft de tempelreiniging uit zijn historisch verband weggehaald, omdat hij zijn evangelie schrijft vanuit het perspectief van Jezus’ opstanding uit de doden.
En als geloofsboek, niet als heilige historie.
De nieuwe tempel die in drie dagen voltooid zal zijn is Jezus in Zijn opstanding. Van Zijn lichaam mag ik U straks voeden met brood en wijn. U bent Zijn lidmaten, Zijn offer geeft u kracht en leven tot in eeuwigheid.  Zijn geest woont in U. Met Zijn offer heeft Jezus dat allemaal bewerkt voor u, en voor mij.

In Luthers tijd was de kerk dat bijna vergeten. En nog altijd hoort u bij onze R.K. broeders de priester in de eucharistie bidden: ‘dat uw en mijn offer aanvaard moge worden’ door God.

De ware dankzegging, de ware eucharistie dus, is niet in de eerste plaats een bede. Het is niet een smeekbede waarin wij vragen aan God of Hij ons offer wil aanvaarden. Wij danken Hem juist omdat Hij het offer van Zijn Zoon aanvaard heeft.  Dat heeft Luther herontdekt. Dat is het eeuwig evangelie. Niet ons offer, maar het geloof rechtvaardigt ons. En ieder die Abram navolgt en zich aan Gods belofte vastklampt, wordt tot de rechtvaardigen gerekend.
We zullen de Hervormingsdag nog lang mogen gedenken.

Voor ik echter ‘amen’ zeg, vraagt iemand zich misschien af of dat betekent dat ik tevreden ben als alles voortaan bij het oude blijft? Het antwoord is: nee! Zo conservatief ben ik niet. De kerk moet altijd weer terug naar de bron, naar het Evangelie, naar het geloof in het Woord van de genadige God.
Maar daarover spreek ik gaarne eens bij een volgende gelegenheid.
Het zij zo! Amen.

Muziek

Gods liefde is groot en strekt zich uit tot alle mensen,
wij kunnen daarin delen: dag aan dag met vriendelijkheid en aandacht, geld en geduld, nu kunnen we er gestalte aan geven, als een goed begin, in de collecte!

Collecte

Gebed over de gaven:

Lieve God, wilt U alstublieft zegenen wat we hier bij elkaar hebben gebracht, zodat het is tot eer van Uw Naam,
en zodat het Uw gemeente wereldwijd ten goede komt.
Laat het een offer zijn, dat onze dankbaarheid en liefde uitdrukt, door Jezus Christus, onze Heer. 
Amen

Deze zondag ligt niet alleen na aan het hart van Hervormingsdag, waarbij we altijd graag even denken aan hen die ons voorgingen in het zuiver stellen waar het in de schrift, en in de omgang met God en mensen om gaat, maar we willen ook stil staan bij al die anderen die ons het geloof voorleefden, en die we intussen moesten missen, als gemeente, en als mensen binnen die gemeente. U hebt de goede gewoonte al om naar behoefte achterin de kerk een kaarsje aan te steken. Op deze dag willen we dat voorin de kerk doen. Ik mag u uitnodigen om naar voren te komen en hier, aan de vlam van de Paaskaars, een lichtje aan te steken om de heiligen ons voorgegaan te gedenken.

Intussen zingen wij Gezang 103: 1 t/m 3

Zij trokken uit als Abraham,  door God de Heer geroepen
zonder te weten waar hij kwam,  om 't land van God te zoeken.
Zij zijn gestorven in zijn naam  en hebben niets geweten
dan dat Hij had gezegd: Ik schaam  mij niet uw God te heten.
Geprezen zij zijn naam!  Hij deed hen veilig gaan!
Komt, zingen wij tesaam  met alle heiligen!

Die van de aarde vrijgekocht  nu rusten van hun werken,
zij spreken en getuigen nog  om ons geloof te sterken,
dat wij omgeven door de wolk  de weg ten einde lopen,
één met het heilig trekkend volk  in liefde en in hope.
Geprezen zij Zijn naam!  Hij doet ons veilig gaan!
Komt, zingen wij tesaam  met alle heiligen!

Laten we danken en bidden 
Met broeder Maarten:

Lieve God, Wij willen U aanbidden en danken om alle goede dingen die U ons geeft naar lichaam en geest., en vooral voor de blijde boodschap die we mochten horen. Geef dat het krachtig in ons werkt, en ons een diep begrip geeft van Jezus Christus, die door Zijn dood onze gerechtigheid, door Zijn opstanding ons leven en door Zijn Evangelie onze wijsheid geworden is.
Wij bidden U dat onze hele kerk trouw blijft aan Uw woord en dat zij door Uw Geest geleid moge nadenken over de vragen die haar in deze tijd gesteld worden. Behoed in het bijzonder de gemeente die aan deze plaats bijeenkomt.  En geef haar geloof, hoop en liefde, opdat een ieder hier zich thuis mag voelen bij haar. In Jezus’ Naam. Amen.

Dankzegging:


U hebt recht op onze dank,
Heer onze God,
vandaag en iedere dag van ons leven,
om Jezus, onze Heer.
Want U hebt een land beloofd
van vrede voor mensen
van goede wil.
En Jezus, Uw Zoon,
de eerste mens van die toekomst,
heeft daar ‘ja’ op gezegd voor ons allen.
Daarom, goede God,
willen we van harte meezingen
met de lofzang van allen
die rond Uw troon Uw liefde bezingen:

Wij zegenen U, God onze Vader,
en Jezus, die is gekomen in Uw Naam.
Want mét Hem kwam Uw koninkrijk in ons midden.
Hij was wat U van ons verwachtte,
Hij maakte Uw woorden van liefde waar
op deze aarde.
Hij bracht wonderen van liefde en hoop.

Wij bidden U om Uw Heilige Geest
die Hem de kracht gaf om te doen wat moest gebeuren.
Zodat wij de kracht hebben om Hem te volgen.

Want Hij heeft
in de nacht waarin Hij verraden werd
het brood genomen,
Hij heeft U er voor gedankt,
Hij heeft het gebroken en gedeeld
met Zijn leerlingen.
Tot hen en tot ons zegt Hij:
Neemt en eet,
hier is Mijn lichaam,
gegeven voor jullie,
en gedenk Mij daarbij.

Ook nam Hij de beker
en dankte U voor de bevrijding.
Hij gaf de beker rond en zei:
Drink er allemaal van.
Deze beker is het Nieuwe Verbond
in Mijn bloed.
Het wordt vergoten voor jullie
en heel veel anderen
om zonden te vergeven.
Gedenk Mij dan:
telkens als je er van drinkt.

Wij  zijn hier bijeen om Hem te gedenken.
Zo komen we bij U, God,
met dit brood en met deze beker,
laat het offer van Uw Zoon
niet voor niets zijn gebracht.

Wij zijn hier bijeen om Zijn lof te zingen;
om Uw Goedheid te prijzen.

Om Uw Geest komen wij,
wil die in ons midden zenden,
dat Zij ons inspireert tot daden van liefde,
tot een leven waarin we Jezus volgen
en laten zien hoe het kan zijn:
een land van vrede.
Een wereld zonder angst.

Laten we zo mogen vieren en delen,
heel de mensheid aan Uw tafel.

En in de glans van die vreugde zeggen we
met Hem die ons leerde bidden:
Onze Vader, die in de hemel zijt,
Uw Naam worde geheiligd
Uw Rijk kome,  Uw Wil geschiede,
zoals in de hemel zo ook op aarde.
geef ons heden ons dagelijks brood
en vergeef ons onze schulden,
zoals wij vergeven onze schuldenaren
en leid ons niet in verzoeking
maar verlos ons van het kwade

Komt dan, want U wordt hier verwacht.

De vrede van onze Heer Jezus Christus, die alle verstand te boven gaat, moge ons bewaren en verwarmen.
Laten we elkaar die vrede toewensen.

Communie

Lieve Heer, laat Uw Woord voedzaam zijn als brood,
en Uw liefde ons doorgloeien als wijn.
Dat wij vol zijn van U en open staan voor elkaar, door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.

Slotlied gezang 352: 1, 2 en 6


Ogen, mond en handen raken U niet aan,
door 't gehoor slechts wordt Gij in 't geloof verstaan.
Wat Gij, Heer, gezegd hebt, neem 'k als waarheid aan;
nooit kan hoger waarheid naast dit woord bestaan.

Jezus, wiens gedacht’nis ik nu vieren mag,
voer mij door de scheem’ring naar die volle dag,
dat mijn oog uw aanzicht zonder iets dat scheidt
ongesluierd schouwe in Gods heerlijkheid!

zegen:
De zegen van de Heer die ons optilt naar de hemel,
de zegen van de Heer die naar de aarde afdaalt,
de zegen van de God, die hemel en aarde in de hand houdt,
vult uw leven met liefde, geloof en goede geest.  Amen.